Trouwe scholeksters brengen meeste jongen groot
SCHIERMONNIKOOG
Scholeksterparen die elkaar trouw zijn, brengen meer jongen groot dan flierefluitende soortgenoten. Dat concludeert onderzoeker Martijn van der Pol, die de scholeksterpopulatie van Schiermonnikoog langdurig heeft gevolgd.
Scholeksters kunnen wel 35 jaar worden. Van de vogels op Schiermonnikoog wordt de 'burgerlijke stand' al bijgehouden sinds 1983. Veel vogels blijven hun leven lang bij dezelfde partner, al komen overspel en scheidingen ook voor.
Van der Pol ontdekte dat hoe langer vogelparen bij elkaar zijn, hoe succesvoller zij jongen grootbrengen. Uiteindelijk kan de productie zelfs verdubbelen. De onderzoeker denkt dat dit te maken heeft met het feit dat de partners beter op elkaar ingespeeld raken en steeds minder vreemd gaan. Andersom is de relatie van scholeksters die het veelvuldig aanleggen met anderen, vaak geen lang leven beschoren.
Voor het succes dat scholeksters hebben, is afkomst belangrijk, bemerkte Van der Pol. Vogels die opgroeien in een goed territorium hebben betere overlevingskansen. Na tien jaar blijken de vogels uit een 'goed milieu' vier keer meer kans te hebben op het bemachtigen van een goed territorium dan vogels die zijn opgegroeid op slechtere terreinen. Van der Pol noemt het ,,een vorm van sociale overerving''.
Het gaat onveranderd slecht met de scholeksters. Tussen 1983 en 2004 nam de populatie op Schiermonnikoog per jaar met 4,6 procent af. Dat betekent dat het aantal vogels elke vijftien jaar halveert. Dit komt door de lage overlevingskans van de eieren, die samenhangt met de afname van de belangrijkste voedselbronnen en de mindere conditie van de vogels. De ouders zijn meer tijd kwijt aan het zoeken naar voedsel, waardoor de nesten vaker onbewaakt blijven.
Marcel van der Pol is verbonden aan de vakgroepen dierecologie en theoretische biologie van de Rijksuniversiteit Groningen. Hij promoveert volgende week aan de faculteit wiskunde en natuurwetenschappen.