Blog Richel: Nieuws vanuit de Wadtoren
Mysterie kadaver: mantelmeeuw pikt aan een donker dier met witte buik. Zou het een dode eidereend zijn? Straks tijdens laag water even voor recherche spelen…
Mysterie bij laagwater opgelost: twee dode eidereenden liggen in de waterlijn. Man en vrouw zijn helaas gestorven en vormen voedsel voor andere dieren.
Een kokmeeuw vliegt achter een scholekster aan en laat hem al het werk opknappen. De scholekster prikt met zijn lange rood oranje snavel diep in het zand en tovert er een snack uit. De meeuw begint hem plagend te achtervolgen. De scholekster geeft niet op, maar dan staan de grote mantelmeeuwen paraat om elkaar te helpen. Of stiekem gewoon ieder voor zich. De scholekster druipt af en laat zijn snack stelen. Kokmeeuw volgt de scholekster en laat de groep vechten om het lekkers.
Sommige vogels doen parmantige dansjes tijdens het eten. Doordat de drieteenstrandlopers op zicht jagen, maken zij soms grappige bewegingen achter de kleine garnaaltjes aan. Eén vogeltje blijft maar rennen en doet gehaast een pirouette. Hebbes.
De kokmeeuwen hebben elkaar als danspartner. Ze draaien behendig om elkaar heen en lopen kriskras langs elkaar zonder te botsen. Toch knap werk dat jagen op goed gecamoufleerde wadbeestjes met een zandkleur.
Een trio brandganzen vliegt over de opkomende waterlijn. Ze maken een landing en schudden hun opvallende witte ‘kontjes’. Daarna volgt er een uitbundige poetsbeurt. Met schone veren schuiven ze aan bij het lopend buffet. Ze scharrelen uren in de branding met het water mee. En eindigen weer waar ze begonnen.
Even verderop komt een ander trio buurten. Ik observeer mijn eerste zilverplevieren. Wat hebben zij een mooi kostuum voor dit diner. De man draagt een chique zwart pak op de borst. Hij zit mooi in zijn zomerkleed, met modieus zwart wit ‘geschubde’ veren. Vrouw aan zijn zijde en tussen hun in scharrelt een jong van vorig jaar, duidelijk een stuk bruiner van kleur.
Tijdens het jutten bij zonsondergang kleurt de lucht suikerspin roze. Een groepje dwergsterntjes jaagt aan de oostkant van het eiland. Hun witte lijfjes vallen op in de roze lucht. Het is toch knap dat ze op zicht jagen vanuit de lucht. Vanuit vlucht storten ze met grote snelheid de branding in en duiken keer op keer op alsof het niets is.
Er is storm. Kapsel windhoos is de nieuwe modetrend op het Wad. Zowel voor de wadwachters als voor de vogels. Een single jonge lepelaar lijkt het moeilijk te hebben met de wind. Hij neemt eerst een bad en poetst daarna uitbundig zijn veren, maar staat wijdbeens in het water om zich staande te houden. Hij blijft wat onrustig en stuntelig heen en weer hupsen met zijn vleugels wijd open. Ha, gelukt hij lijkt balans te hebben gevonden. Maar die meeuwen eisen hun plaats op. Steeds rent het jonge dier weer onhandig een meter verder. Het valt niet mee om groot te zijn, als je het nog niet helemaal bent.
Storm of niet. De koppige eidereenden houden de hele dag standvastig hun plekje aan. Zelfs als er golven over hun heen komen en stuifzand tegen ze aanwaait verroeren ze zich niet.
Het is druk in de vaargeul met mooie zeilschepen. Alle zeilen zijn volgetuigd. Ze varen in een soort parade naar de eilanden Terschelling en Vlieland. Een feest om te observeren. Op Richel is er rust. Het is hoogwater de meeuwenkolonie, vele aalscholvers en een groep van meer dan zestig scholeksters staan met hun snavels onder hun vleugels te rusten. Wij volgen hun voorbeeld. Tijd voor rust.
Etenstijd, maar aan welke kant moeten we beginnen met kijken? We kiezen allebei een ander raam en delen enthousiast onze waarnemingen. De zilvermeeuwen lijken wel reuzen tussen die kleine strandlopers! Eindelijk zien we een groepje bontbekplevieren tussen iedereen door dartelen. Het liedje van Herman van Veen past vermakelijk op dit schouwspel. Opzij opzij opzij, maak plaats, we hebben ongelofelijke haast. Gelukkig heeft de Wadtoren ramen genoeg. We schuiven met de vogels mee, van raam naar raam.
Daar komen de zeehonden. Twee grote grijze zeehonden zwemmen tijdens hoogwater en windkracht 8 wat onrustig om de Wadtoren. De een gaat links, de ander rechts. Af en toe rusten ze in positie van een kegelvorm. Tot laat in de avond zwemmen ze aan de wadkant van het eiland.
De storm neemt toe in kracht. Een golvend tapijt van allerlei waddenvogels komen naar Richel. Vanuit alle windrichtingen vliegen de dieren naar de westpunt van de zandplaat. Dat uit zich in een drukte die niet te bevatten is. Vanuit de telescoop zie je alleen nog maar een waas van vogels. Ze zitten met duizenden dicht tegen elkaar aan. Het hoge water komt inmiddels tot aan de duinrand. De rustende aalscholvers krijgen natte voeten.
Een dag na de storm. Zowel bij hoog als met laagwater nauwelijks nog een vogel te zien. Waar zouden ze heen gevlogen zijn?
Tessa
