Beleid

1. PKB Waddenzee (januari 2007)
2. Beleidsbesluit Schelpdiervisserij 2005 - 2020 (oktober 2004)

1. PKB Waddenzee

Mosselbank

In de PKB Derde Nota Waddenzee (van januari 2007) is het rijksbeleid voor de Waddenzee voor de komende tien jaar vastgelegd. Voor visserij is het volgende vermeld in de PKB:

Mosselvisserij
De mosselcultuur wordt in staat gesteld om op experimentele schaal en onder begeleiding van onderzoek diverse innovatieve plannen in de praktijk tot uitvoer te brengen die bijdragen aan de winning van mosselzaad vanuit alternatieve bronnen, of winning die plaatsvindt met alternatieve winningmethoden.
Dit betreft onder meer plannen met betrekking tot het invangen van mosselzaad aan verankerde netten, touwen en palen. Als na onderzoek blijkt dat deze vorm van zaadwinning ecologische en economische voordelen biedt ten opzichte van de traditionele mosselzaadvisserij, dan is opschaling naar toepassing op een commerciële schaal mogelijk. Daarbij dient rekening te worden gehouden met andere vormen van menselijk medegebruik, zoals scheepvaart, recreatie en andere visserij, en met het behoud van het unieke landschap.
De uitgifte van tijdelijke proefgebieden voor het verzaaien van mosselen, met een maximum van 500 ha, is in het kader van de optimalisatie van de mosselpercelen toegestaan. De totale omvang van de kweekpercelen blijft gehandhaafd en wordt niet verder uitgebreid (zie toelichtende kaart 20).
Mosselzaadvisserij mag alleen in het voor- en najaar plaatsvinden, aan de hand van een visplan dat wordt gemonitord. De mosselzaadvisserij in het sublitoraal richt zich in het najaar alleen nog op de instabiele bestanden. De voorjaarsvisserij in het sublitoraal beperkt zich tot de open gebieden.
De mosselsector dient inzichtelijk te maken dat de activiteiten van de sector leiden tot een mosselbestand dat in omvang minimaal gelijk is aan de mosselvoorraad die in een natuurlijke situatie aanwezig had kunnen zijn. De mosselsector zal daartoe aantoonbaar moeten maken dat van de totale mosselzaadvangst uit de voorjaarsvisserij, na aftrek van de vangsthoeveelheid in het najaar voorafgaand aan de voorjaarsvisserij, minimaal 85% in de daarop volgende winter in de Waddenzee aanwezig blijft. Indien meer dan 2000 ha meerjarige mosselbanken aanwezig is én wetenschappelijk gezien redelijkerwijs geen twijfel bestaat dat er geen schadelijke gevolgen zijn voor de in deze pkb beschreven natuurlijke waarden en kenmerken, dan is bevissing van instabiele mosselzaadbanken op de platen onder voorwaarden toegestaan. Voor bevissing van mossel(zaad)banken in het kader van onderzoek naar de hypothese dat uitdunningvisserij de stabiliteit van de mosselbank vergroot, kunnen uitzonderingen op bovenstaande voorwaarden worden gemaakt.

Kokkelvisserij
De mechanische kokkelvisserij in de Waddenzee is met ingang van 2005 niet langer toegestaan. De handmatige kokkelvisserij blijft toegestaan. Uitbreiding van het aantal vergunningen voor de handmatige kokkelvisserij wordt overwogen. De omvang van de handkokkelvisserij mag maximaal 5% van het jaarlijks in de Waddenzee aanwezige kokkelbestand bedragen.

Schelpdiervisserij algemeen
Het handmatig rapen van schelpdieren voor eigen gebruik is toegestaan tot een maximum van 10 kg per persoon per dag. Met het commercieel rapen van Japanse oesters wordt een kleinschalig experiment gestart. Het commercieel rapen van mosselen is verboden.
Initiatieven om andere schelpdiersoorten dan mosselen te kweken, alsmede innovatieve experimenten, waaronder de binnendijkse kweek van schelpdieren, zullen op hun inpasbaarheid binnen de bestaande kaders worden beoordeeld.

Sluiting van gebieden voor vormen van visserij
Een oppervlakte ter grootte van 26% van het litoraal in de Waddenzee is permanent gesloten voor bodemberoerende visserij (mosselzaadvisserij, kokkelvisserij, visserij met bodemvistuigen met wekkerkettingen). Zie toelichtende kaart 20.In de voor bodemberoerende visserij gesloten gebieden is de garnalenvisserij niet toegestaan op de wadplaten (het litoraal). De visserij met overige sleepnetten, al dan niet voorzien van wekkerkettingen, is op de wadplaten (het litoraal) in het gehele pkb-gebied niet toegestaan.Indien door grenscorrecties of uitruil van (delen van) gesloten gebieden met niet gesloten gebieden evidente winst voor de natuur en voor de schelpdiersector kan worden bereikt, kan dit worden overwogen. In het sublitoraal kunnen ten behoeve van meerjarig onderzoek gesloten gebieden ingesteld worden voor de bodemberoerende visserij en de garnalenvisserij.Zeegrasvelden en een omliggende straal van ten minste 40 meter mogen niet worden bevist. Stabiele litorale mosselbanken en een omliggende straal van 40 meter mogen niet worden bevist. Voor bevissing van mossel(zaad)banken in het kader van onderzoek naar de hypothese dat uitdunningvisserij de stabiliteit van de mosselbank vergroot, kunnen uitzonderingen op dit verbod worden gemaakt. Als uit het onderzoek blijkt dat deze vorm van visserij geen nadelige effecten heeft op de stabiliteit van de mosselbanken en overige waarden van het ecosysteem dan zal nader worden bezien onder welke voorwaarden en waar deze vorm van visserij kan worden toegestaan.

Sleepnetvisserij
Zolang er geen aanwijzingen zijn dat de sleepnetvisserij met of zonder wekkerkettingen in het sublitoraal significante ecologische effecten op het sublitorale systeem heeft, blijft deze vorm van visserij toegestaan. Het aantal vergunningen wordt echter niet meer uitgebreid. Voor degenen die reeds langer dan één jaar een vergunning gereserveerd hebben, zonder dat zij een voor de sleepnetvisserij geschikt vaartuig bezitten, vervalt de reservering en ook het recht op een vergunning.

Vaste vistuigen

De visserij met vaste vistuigen zal worden gereguleerd in de vorm van het instellen van visvakken of via de reguliere vergunningvoorwaarden. De uitgifte van nieuwe visvakken is in de Waddenzee niet aan de orde. De visserij met staand want op de wadplaten wordt afgebouwd om de verdrinking van vogels in deze netten verder terug te dringen, tenzij deze visserij zodanig kan worden uitgevoerd dat verdrinking van vogels en bijvangst van zeezoogdieren in deze netten wordt geminimaliseerd. In de overige delen van de Waddenzee wordt onderzoek verricht naar de ecologische inpasbaarheid.

2. Beleidsbesluit Schelpdiervisserij 2005 - 2020

In oktober 2004 heeft het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit  het beleidsbesluit Schelpdiervisserij 2005 - 2020 "Ruimte voor een zilte oogst - Naar een omslag in de Nederlandse schelpdiercultuur"; gepubliceerd. Het beleidsbesluit schelpdiervisserij schetst het nieuwe beleid voor alle vormen van schelpdiervisserij in de Nederlandse zoute wateren. De belangrijkste kustwateren in dit verband zijn de Waddenzee, Oosterschelde, Westerschelde en de Voordelta.

Beleidsbesluit Schelpdiervisserij 2005 - 2020 (pdf, 786 kb)