Kwelders

Zeekraal en lamsoor
Zeekraal en lamsoor

Kwelders zijn gronden die buitendijks zijn ontstaan door afzetting van zand en slib met daarop een spontaan gevestigde vegetatie. De planten, zoals Lamsoor, Zeekraal en Zeeaster, zijn bestand tegen de regelmatige overstroming door zout getijwater. Kwelders zijn als één van de weinige Nederlandse landschappen van zeer grote internationale betekenis.
De Waddenzee kent kwelders langs grote delen van de vastelandkust en aan de wadzijde van de eilanden in de luwte van stuifdijken en soms als groen strand aan de Noordzee-zijde. Vroeger bleven de kwelders van nature min of meer in stand, maar na vele indijkingen in de afgelopen eeuwen dienen veel vastlandskwelders tegen afslag te worden beschermd.

Ontwikkelingen door de eeuwen heen
De randvoorwaarden voor kwelderaanwas langs de vastelandkust zijn in de oostelijke Waddenzee van nature veel gunstiger dan in de westelijke Waddenzee. In 1600 was het areaal kwelders in Groningen 7900 ha en in Friesland 2700 ha.  Na een serie grote indijkingen in de 19e eeuw is het areaal in beide provincies anno 2009: 992 ha in Groningen en 1677 ha in Friesland. De huidige vastelandkwelders zijn het resultaat van menselijke invloed: kwelderwerken ten behoeve van de landaanwinning.

Zowel aan de Nederlandse als de Duitse kant van de Eemsmonding liggen tot aan de Mond van de Dollard geen vastelandkwelders. De kwelders van de Dollard beginnen met de Punt van Reide, een oude onbedijkte landtong. De huidige 731 ha kwelder in het Nederlandse deel van de Dollard is door kwelderwerken in het midden van de vorige eeuw ontstaan. Deze kwelders eroderen nu licht aan de zeekant.

Lees meer over de ontwikkeling van kwelders in Feiten en Figuren.

Meer achterliggende informatie en rapporten over de monitoring en het beheer van kwelders en slikken vindt u  op de pagina: Publicaties.