Aangespoelde bruinvissen nader onderzocht

Het merendeel van de bruinvissen dat in 2006 aanspoelde op de Nederlands stranden is door verdrinking in visnetten om het leven gekomen. Een ander deel van de bruinvissen bleek vooral niet gezond te zijn. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit onderzoek (pdf, 2584 kb) naar de oorzaak van het sterk gestegen aantal dood aangespoelde bruinvissen. De sterke toename van het aantal dood aangespoelde dieren is reden geweest voor minister Veerman van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit om onderzoek te laten verrichten naar de oorzaken. Het onderzoek is op Texel uitgevoerd door Wageningen IMARES in samenwerking met het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ).

Dode bruinvissen worden in alle maanden van het jaar gevonden. Er waren echter twee perioden met bijzonder grote aantallen te onderscheiden. Een eerste golf van strandingen vond plaats in maart en april. Dit waren vooral gezonde, verse dode dieren met volle magen. Deze groep had als belangrijkste doodsoorzaak verdrinking in visnetten. Een tweede golf vond plaats in augustus. Dit waren vooral ongezonde dieren, met geringe vetreserves en vaak lege magen. Verdrinking als doodsoorzaak kwam bij deze dieren vrijwel niet voor. Naar aanleiding van de uitkomsten van dit onderzoek zal het ministerie samen met de visserijsector gaan bekijken welke vorm van visserij hier medeverantwoordelijk voor is en welke vervolgstappen moeten worden genomen. Het ministerie heeft gesproken met vertegenwoordigers van de visserijsector, met name de staand want vissers, over deze problematiek.

Nederland is gecommitteerd aan een goede bescherming van zeezoogdieren volgens de Habitatrichtlijn en volgens ASCOBANS, de overeenkomst voor bescherming van kleine walvisachtige van de Oost- en Noordzee. De bescherming van de bruinvissen is nationaal verankerd in de Flora- en faunawet.

Volledige rapport (pdf, 2584 kb)