Douwe Hollenga: Geen windmolens langs de Wadden

Winmolens langs de dijk bij Eemshaven

Op de laatste dag van het oude jaar verraste het Dagblad van het Noorden ons met het artikel:  ‘Den Haag’ overvalt Noorden met molens. Daarbij ging het over plannen van het rijk om extra windmolenlocaties in Groningen te gaan faciliteren. Vooral de nieuwe locaties grenzend aan Waddenzee en Eems-Dollard hebben, nog voor ze er staan, al het nodige stof doen opwaaien. En naar mijn mening terecht. Daarbij komt dat het rijk zelf in het recente verleden nieuwe windmolens aan de Waddenkust als niet gewenst zag.
Ik kan met het rijk één goede reden bedenken waarom windmolens langs de Waddenkust goed zou kunnen. Het is namelijk één van de windrijkste regio’s van ons land en dus gewild bij “windboeren”. Een nog betere plek zou zijn plaatsing op de Waddeneilanden. Met een dergelijk voorstel komt het rijk (nog) niet. Maar de huidige locaties zijn minstens zo omstreden. Er zijn wel tien redenen te bedenken waarom deze windmolens hier niet moeten komen. Het gaat om de gebieden die het rijk heeft toegevoegd aan de bestaande parken bij Eemshaven en Delfzijl. De kustzone van Eemshaven naar Lauwersoog en het gebied grenzend aan de Eems-Dollard. Tien redenen om dat niet te doen.

1. Het grootste en mooiste natuurgebied van Nederland, de Waddenzee, wordt aangetast door deze hoge windmolens. Er wordt gesproken over molens met een hoogte van twee keer de Martinitoren.

2. De Waddenzee is in 2009 geplaatst op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Naast de unieke natuurwaarden was ook het open landschap één van de onderscheidende criteria. Door de plaatsing van windmolens komt de UNESCO status in gevaar. Bij de stad Dresden is dit in 2009 gebeurd omdat men het stadsgezicht heeft aangetast met de bouw van een nieuwe brug.

3. Het wierdenlandschap van Groningen is door het provinciaal beleid een aantrekkelijk toeristisch gebied. Door de plaatsing van tientallen windmolens kan verdere toeristische ontwikkeling wel worden vergeten en zijn de miljoeneninvesteringen van de afgelopen jaren weggegooid geld.

4. Het woonklimaat wordt door de windmolens aangetast. In een regio die al te maken heeft met krimp zal dit extra hard aankomen.

5. De Waddenzee en Eems-Dollard zijn Natura 2000 gebieden. De hoge molens hebben effecten op vogels en dus is een vergunning nodig. Ook de “open- en weidsheid van de Waddenzee” is één van de instandhoudingdoelstellingen waaraan getoetst moet worden.

6. Als er toch een vergunning zou komen is het niet uitgesloten dat er compenserende maatregelen moeten komen. Moeten we dan weer goede landbouwgrond omzetten in natuur zoals bij de Emmapolder?

7. Bij de realisering van het windturbinepark bij de Eemshaven heeft het rijk met de provincie afgesproken dat de Waddenkust van de Emmapolder tot aan Lauwersoog gevrijwaard zou blijven van hoge windmolens. Dit heeft er zelfs toe geleid dat de bestaande windmolens in Lauwersoog moesten worden afgebroken.

8. De Waddenprovincies en het rijk hebben in 2008 het Beheer- en ontwikkelingsplan Waddengebied vastgesteld. Hierin is afgesproken: het platteland blijft gaaf achter de dijk; gaaf in het historisch landschap binnendijks en gaaf in de weidsheid van de wadden.

9. De Rijksadviseur voor het Landschap, Yttje Feddes, heeft in 2010 al geadviseerd om de  kustlijn langs het Wad open te houden. Het beleid van de provincie Groningen om windmolens te beperken tot parken bij de Eemshaven en Delfzijl sluit hierbij aan.

10. In Groningen kan elders nog behoorlijk veel windenergie op land worden gerealiseerd. Daarnaast is op de Noordzee meer dan genoeg ruimte voor windmolens. Dat dit iets duurder is dan op land mag nooit een reden zijn om de Waddenkust en het Eems-Dollard gebied dan nu maar op te offeren.

Vanuit Groningen zijn er dus meer dan genoeg argumenten aan te dragen om de discussie met het rijk aan te gaan om de invulling van windenergie op land in te vullen zonder aantasting van deze beide gebieden. Groningen zal hierin nog sterker staan wanneer zij de invulling van de bestaande windturbineparken maximaal gaat benutten en gaat kijken hoe samen met Drenthe in het Veenkoloniale gebied nog verdere invulling mogelijk is. Daarmee voorkomen de provincies dat het rijk de regie overneemt en dat is funest voor het draagvlak voor windenergie.

 

Douwe Hollenga
Was van 2007 tot 2011 gedeputeerde (CDA) in Groningen
en lid van het RCW
Thans consultant op het gebied van landbouw, visserij en natuur

Januari 2012

u vindt meer opinie-artikelen over waddengerelateerde zaken op de website van de Waddenacademie.