Jouke Velstra, project Spaarwater

Webredacteur Jelle Rijpma maakt een ronde langs de velden in het Waddengebied. Hij interviewt vertegenwoordigers van een bonte verzameling aan waddengerelateerde initiatieven en organisaties. Deze lopen uiteen van adviseurs, wetenschappers en bestuurders tot kunstenaars havenbazen of vissers. Dit resulteert in korte weergaven van uiterst diverse en soms verrassende ontmoetingen.

Als elfde in de reeks: Jouke Velstra van het project Spaarwater

Datum: 13 november 2014

Jouke Velstra, project Spaarwater

“Er is altijd veel discussie geweest over het probleem van verzilting in de landbouw”, zegt Jouke Velstra, projectleider van het omvangrijke project Spaarwater. “De voorgeschiedenis begon bij een verziltingsstudie in Friesland, Groningen en Noord-Holland. Samen met onder meer de provincies, waterschappen en onderzoeksinstituten heeft de Stichting Acacia Institute een voorstel gedaan tot het optimaliseren van watersystemen, het nader bekijken van toleranties van gewassen en de vraag hoe je drainage het beste kunt inzetten.”

Vorig jaar ontving Spaarwater een flinke bijdrage van het Waddenfonds. “Dat is eigenlijk de reden voor het bestaan van het project,” gaat Velstra verder. Het Waddenfonds is echt een bindmiddel geweest voor alle financiers van het project, en dat zijn er gauw zo’n 10 tot 15. Zonder het Waddenfonds was dat nooit gelukt.”

“Hoe het precies werkt? We zijn nu bezig op vier pilotlocaties in het Waddengebied. Simpel gezegd vangen we zoet water op, slaan dit op en gebruiken het vervolgens weer voor irrigatie. Maar let op: in deze gebieden zit het zout nooit ver weg. Als er regen valt op het moment dat je het niet nodig hebt, vang je het op. Via drainage naar verzamelleidingen wordt het water opgeslagen en ontstaat op zo’n 10 tot 30 meter diepte een zoete bel. Dit wordt later weer opgepompt en gebruikt. De manier van drainage is gebaseerd op de kennis van het gebied van de boeren en onderzoek. Het systeem is zo ontworpen dat het zout moeilijk omhoog kan komen. Mocht het zoutpercentage toch te hoog worden, dan kan de boer dit op afstand volgen en kan hij ingrijpen. Te zout water vloeit terug in de sloot.”

Spaarwater bestrijdt de verzilting door zoet water in te zetten. Liggen er niet veel meer kansen in de benadering van Marc van Rijsselberghe, de zilte gewassen veredelt? “Dat is prachtig onderzoek en kan ook zeker goede resultaten opleveren", aldus Velstra. “Toch is het een langdurig proces. De basisbehoefte van een plant is nu eenmaal water. Jazeker, het brengt kosten met zich mee om op relatief korte termijn iets aan de verzilting te doen, maar het kan ook grote baten opleveren. Het is alleen moeilijk te kwantificeren. Een voorbeeld is het pootgoed. Dat mag je niet beregenen uit de sloten omdat het bruinrot kan veroorzaken. Als je het water onder de grond vandaan haalt mag het wel, omdat de bruinrotbacterie dan doodgaat. Plak daar maar eens een bedrag op.”

Tot slot blikt Velstra over de grenzen van zijn project heen. “Het zijn niet alleen maar vier proefjes. Er is bijvoorbeeld veel aandacht voor communicatie en bewustwording. Niet alleen over verzilting, maar ook over de gehele klimaatproblematiek. En hoe vertaalt zich dat naar waterbeheer? Wat is de rol van de waterschappen en sluit alles aan bij het Deltaprogramma? Een mooi voorbeeld is druppelirrigatie. Dat is een belangrijk middel in de landbouw om water bij het gewas te krijgen. Toch is het meer dan dat alleen, want bij druppelirrigatie heb je minder meststoffen nodig. Zo kun je gemakkelijker voldoen aan de eisen in de Europese Kaderrichtlijn Water. Die vier proefjes hebben prettige consequenties.”

www.spaarwater.com

U kunt op dit interview reageren. Reacties worden gescreend op taalgebruik voordat ze gepubliceerd worden.